dinsdag 3 maart 2026

Kiezen en Delen

 Het gebeurt tegenwoordig bijna ieder jaar dat we naar de stembus moeten om onze burgerplicht te vervullen. We stemmen voor de Tweede Kamer, de Provincie, de Gemeenteraad, het Waterschap, of een volksraadpleging. Zo bepalen we als landelijk collectief wie er de komende tijd ons land gaat besturen. Maar hoe komt de zetelverdeling nou precies tot stand en hoe kunnen we ervoor zorgen dat meer vrouwen in bestuursorganen komen. Over kiezen en restzetels èn hoe het zat in onze wijk.

De instantie die alle uitslagen controleert en de verkiezingen met de gemeenten organiseert is de kiesraad. In dit college zitten van huis uit hogere ambtenaren zonder politieke voorkeur. Het is dit college dat uiteindelijk het fiat geeft voor de definitieve uitslag (kijk op kiesraad.nl). 

De getallen

Bij de afgelopen verkiezingen telde Nederland 13.589.128 (A) stemgerechtigden, waarvan er 10.640.324 (B) hun stem hebben uitgebracht. Dat levert een opkomstpercentage van  B/A = 78,3%. Van die stemmers konden 28.206 het hokje niet goed ingevuld krijgen en stemden 40.128 mensen op niets (blanco). Er blijven daarmee 10.571.990 (C) uitgebrachte geldige stemmen over om 150 (D) Kamerzetels te verdelen. Om een zetel te bemachtigen moet je de kiesdeler halen en dat is 1/150-ste deel van de geldige stemmen. Deze  kiesdeler is dus gelijk aan C/D= 10.571.990 /150 = 70.480  stemmen (of 0,666667% van de stemmen). Haal je dit minimum niet, dan doe je niet meer mee (dat overkwam NSC met 0,5591 zetel en levert en 0 in “kolom 2” in tabel 1). Bedenk, dat bij onze oosterburen die drempel 5% is.


In de tabel (1) zie je de eerste zetelverdeling van de zogenaamde volle zetels. De PVV had bijna 25 zetels en de BBB bijna 4 zetels (kolom “Zetels” en “VOL”) 


Tabel 1: Uitslagen en landelijke zetelverfeling


Als je op deze manier alles bij elkaar veegt kom je bij lange na niet aan de 150 zetels. In ons geval zijn dat er 139 (Kolom “VOL”).  De vraag is nu hoe je deze 11 restzetels over de partijen gaat verdelen in een democratie waar je uitgaat van een zo evenredig mogelijke volksvertegenwoordiging, waarbij iedere stem telt.

 

Restzetels

Er zijn verschillende methodes bedacht om daar een fatsoenlijk algoritme voor te vinden, waarbij iedereen het gevoel moet hebben, dat het fair is. De eenvoudigste manier is te kijken welke partijen in volgorde het dichtst bij een nieuw zetel zitten (kijk naar het getal achter de komma van kolom “Zetels”). In dit systeem krijgt de PVV, BBB, JA21 etc er in ieder geval één bij . Maar ook de kleinere partijen (CU, SP, Forum, CDA, VOLT, DENK, D66 en SGP) doen op die manier mee, want per partij kun je op deze manier maar één zetel verdienen.

 

Een andere manier is die van Mr. Victor d’Hondt een Belg uit Gent,  die leefde van (1841-1901). Hij keek naar het zetelgemiddelde van het aantal stemmen van een partij wanneer hij er één zetel bij zou krijgen. De partij met dit grootste gemiddelde (PVV 1760966/25 = 70438) krijgt de eerste restzetel, waardoor het gemiddelde in de volgende ronde achteruit (1760966/26 = 67729) gaat. Bij de volgende restzetel herhaalt de procedure zich en krijgt de BBB die zetel (279916/4= 69979) en daarna JA21. Bedenk dat alle partijen iedere ronde weer meedoen tot de restzetels op zijn. Door dit algoritme te gebruiken krijgt de PVV er zelfs twee zetels bij en GL/PvdA krijgt er ook nog een. Kortom deze methode is gunstig voor de grotere partijen. In de laatste kolom zie je dat de SP zijn graantje 66528) meepikt.

Het uiteindelijke resultaat zien we in de laatste kolom “Eind”. In restzetels is de PVV dus de grote winnaar met twee extra zetels. Dus Geert had dus geen enkele reden tot klagen.

 

Nijmegen en Hees

Het is interessant om na te gaan hoe de kamerverdeling in Nijmegen en in onze wijk zou zijn. We gebruiken precies hetzelfde algoritme en komen uit op tabel 2. Het valt op dat in Nijmegen, Hees (met 3 stembureaus) en Zwembad-West het aantal restzetels 8 stuks bedraagt. En hier zijn Gl/PvdA en D66 de grote overwinnaars in de restzetels. Je kunt goed zien dat de grotere partijen hier de kruimels opeten. Het valt ook op dat in Nijmegen Bij1 net boven de kiesdrempel uitkomt


Tabel 2: Uitslagen en zetelverdeling van Nijmegen en Hees 

Vrouwen en Frans

Het duurde even voordat de truc tot me doordrong, maar het is mogelijk om meer vrouwen in het parlement te krijgen door op vooral op vrouwen te stemmen die NIET op een verkiesbare plaats staan. Zo is het in Nederland gelukt om vijf extra meiden in het parlement te krijgen en dat komt omdat op basis van voorkeurstemmen er maar 25% van de kiesdeler nodig is om aan een zetel te komen. En dat kan behoorlijk opschieten, want binnen een partij moet je dus 0,25*70.480 = 17.620 voorkeurstemmen zien te halen. Bij GL/PvdA zijn maar liefst vier vrouwen verkozen die op een onverkiesbare plaats stonden. Het was daarom ook de partij waar voorman Frans landelijk maar 38,5% van de stemmen binnen zijn lijst kreeg en in Nijmegen een krappe 25% (bij ons Zwembad-West 21%). Geert (94%) en Rob deden het wat dat betreft beter.

 

Gemeenteraad

In het voorjaar zijn er gemeenteraadsverkiezingen. De regels bij gemeenteraden (39 zetels in Nijmegen zijn in grote lijnen hetzelfde en ook hier kunnen we extra vrouwen in de raad krijgen door vrouwen te stemmen die NIET op een verkiesbare bare plaats staan.

 

Bronnen: Data van de kiesraad.nl en data op de site van de Gemeente Nijmegen

 

Tekening: Joop van Eck

Dick is een natuurkundige, die iedereen aanraadt te gaan stemmen. Het is niet alleen een recht, maar ook een voorrecht.





Geen opmerkingen:

Een reactie posten